Kweker helpt zijn Luo’s

Standaard

“Ik ben een bus aan het regelen, misschien kunnen jullie morgen al vertrekken.” Sjaak Nannes staat midden in een tjokvol vluchtelingenkamp ten westen van de Keniaanse hoofdstad Nairobi een groep Luo’s en Luia’s toe te spreken. Het zijn de geraniumplukkers die voor hem werken, maar nu op de vlucht zijn geslagen.

Het 15 hectare grote bedrijf van Nannes exporteert dagelijks 500.000 geraniumstekjes in de maanden voorafgaand aan de Europese zomer. “Het is nu hoogseizoen,” houdt hij zijn werkers voor. “Dus als jullie terug willen om te werken kan dat, want het is vandaag rustiger.” De toehoorders verkiezen echter de bus naar het westen van het land, naar het grensgebied met Oeganda waar hun familie woont en waar ze zich veilig voelen.

Het kamp is inderhaast uit de grond gestampt op het terrein van een politiebureau, vlakbij de geraniumkwekerij in Red Hill – midden in Kikuyu-gebied. “Na de verkiezingsuitslag waren er wat spanningen, maar die ebden snel weg,” vertelt Nannes even later. De meeste van zijn plukkers zijn Kikuyu’s die geen probleem hebben met hun Luo-collega’s. “Maar afgelopen zaterdag kwamen er opeens grote groepen Kikuyu-jongeren, zelf uit Eldoret gevlucht. Zij gingen de dorpjes van mijn werknemers in en we kregen dreigbrieven. Het was duidelijk dat ze moesten vertrekken.”

Nannes laadde zijn Luo-werknemers maandag in pick-up trucks en reed ze met een deel van hun bezittingen naar het kamp, waar toen vierhonderd mensen bivakkeerden. “Men had gezegd dat er tenten waren maar dat was niet zo, dus die hebben we zelf gebouwd van geel landbouwplastic.” Samen met andere bloementelers uit Nederland en Israël vult hij de dagelijkse Rode Kruis-maaltijd aan. “We hebben hier achter een plek gemaakt waar onze plukkers eten kunnen klaarmaken.”

Inmiddels is het kamp met 1600 vluchtelingen zwaar overbevolkt. Pas donderdag bracht het Rode Kruis mobiele latrines. De Kikuyu’s die de Luo’s nu wegjagen zijn zelf uit het westen van het land verdreven door woedende Luo’s en Kalenjins. Die laatsten steunen oppositieleider Raila Odinga en vinden dat president Mwai Kibaki zijn herverkiezing eind vorig jaar gestolen heeft. Ex-VN baas Kofi Annan probeert momenteel tussen beide politici te bemiddelen.

Bloedbaden zoals in de Rift Vallei, Naivasha en de sloppen van Nairobi, blijft Red Hill voorlopig bespaart, maar ook hier ‘zuivert’ het volk zichzelf. Kikuyu’s in het westen gaan oostwaarts, Luo’s willen niets liever dan westwaarts. Nannes benadrukt dat hij niemand zal ontslaan. “Ik probeer een bus te regelen zodat ze naar huis kunnen. Als ze dan over een maand terug kunnen komen zou dat mooi zijn. Dan hebben ze gewoon nu vakantie, in plaats van in juni.”

Nannes streek 18 jaar geleden als één van de eerste Nederlandse tuinders in Kenia neer, heeft een Keniaanse vrouw en is niet van plan ooit nog te vertrekken. Zijn bedrijf, dat normaal 400 tot 500 werknemers telt, moet wel alle zeilen bijzetten. “De meeste arbeiders zijn Kikuyu’s dus het werk gaat wel door. We draaien op 80 à 90 procent van de normale capaciteit.” In tegenstelling tot de Nederlandse rozentelers in het zeer onrustige Naivasha krijgt hij zijn stekjes nog moeiteloos op het vliegveld.

Zelf voelen de 43-jarige Nannes en zijn vrouw zich ‘niet echt’ onveilig. Ook over de toekomst van zijn bedrijf maakt hij zich geen zorgen. “Het land is wel twintig jaar terug gezet in de tijd, want het ging juist zo goed met de economie van Kenia.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s